dinsdag 8 juni 2010

BESCHAVING IS HELAAS UIT DE MODE

Dit artikel is geschreven op verzoek van de Volkskrant en zou samen met een stuk van het VVD-kamerlid Mark Harbers op de opiniepagina worden geplaatst. Quod non. Kunst en cultuur als bindend element in onze samenleving wordt kennelijk in steeds mindere mate als belangrijk ervaren. Dat er een direct verband is tussen het Concertgebouworkest en de harmonie in Aalten wordt niet meer gezien. Jammer. 
OOK BEZUINIGEN DOE JE MET BELEID
Over de plannen van de VVD om 200M te bezuinigen op de landelijke kunstbegroting is in brede kring bezorgdheid ontstaan. Kennelijk is het eind jaren negentig ontstane beeld van kunstenaars en kunstsector als luie zakkenvullers, waarvan overigens toentertijd Rick van der Ploeg een van de aanstichters was, nog steeds bepalend. Helaas is beeldvorming voor de VVD kennelijk belangrijker dan de werkelijkheid.
  Kunstenaars zijn voortdurend in beweging. Hun positie is de laatste decennia aanzienlijk veranderd. En met name de opkomst van de netwerksamenleving is daarbij belangrijk. Kunstenaars spelen in de ontwikkeling daarvan een belangrijke rol. De opkomst van de netwerksamenleving heeft weliswaar enerzijds de autonome positie van de kunsten aan het wankelen gebracht, anderzijds wordt door de samenleving juist op autonome, onconventioneel denkende kunstenaars een beroep gedaan om naast hun zelfstandige werk maatschappelijke projecten te inspireren. Kunstenaars hebben een rol gekregen als ‘creative thinkers’. Ook het bedrijfsleven doet in toenemende mate een beroep op deze creatieve onafhankelijke mensen. Ze worden betrokken bij het ontwikkelen van merken en nieuwe producten, maar ook ingeschakeld als inspiratiebron bij ingewikkelde veranderingsprocessen.

De kunstenaar is actief in inter- en multidisciplinaire samenwerkingsverbanden. Theaterproducties of dansvoorstellingen zijn steeds vaker het product van een team van diverse specialisten: choreografen, componisten, muzikanten, vormgevers, beeldend kunstenaars, filmers, softwaretypes en wetenschappers. Ontwerpers werken nauw samen met copywriters, marketeers, beeldend kunstenaars, organisatiedeskundigen en softwarespecialisten. Hoezo luie zakkenvullers.
  Dat Nederland een levendig en geschakeerd cultureel leven kent heeft alles te maken met een overheid die dat met inzicht en beleid heeft gefaciliteerd. Zonder die steun kan het niet. De kunsten waren vroeger afhankelijk van kerk en koning. In de 19e eeuw heeft de staat, net als met de zorg en het onderwijs, onder leiding van de liberalen die rol overgenomen. Na WO II werd de betekenis van de vrije en ongebonden kunsten belangrijker en tegelijkertijd het maatschappelijk belang ervan essentiëler. Uiteraard gestuwd door de repressie en de kaalslag van in de oorlog. De dertig, veertig jaar subsidieafhankelijkheid die nu als de oorzaak van de luiheid wordt genoemd is ook historisch bezien onzin.
Nederland heeft een fijnmazige, geschakeerde en tegelijkertijd samenhangende culturele infrastructuur. Groot en klein, nieuw en oud, alles kan zijn plek krijgen. Tussen het Concertgebouworkest en het harmonieorkest uit Aalten bestaat een direct verband. Dat is de kracht van onze cultuur. Anders dan in veel andere landen wordt er geen wezenlijk onderscheid gemaakt tussen amateurkunst en professionele kunst. Het belangrijkste verschil is dat je met het ene je brood probeert te verdienen en met het andere niet. Vrijwel alle blazers in onze orkesten en ensembles speelden eerst in de harmonie of fanfare van hun dorp of stad. Ongeleide, te omvangrijke en niet beleidsinhoudelijk gemotiveerde bezuinigingen zullen die infrastructuur aantasten en waarschijnlijk ook verwoesten.
  De bezuinigingen die de VVD op het oog heeft betreffen het landelijk kunstenbudget. Aangenomen mag worden dat in de eerstvolgende begroting dat budget met het beoogde bedrag wordt gekort. Afhankelijk van de bandbreedte die de VVD voor ogen staat gaat het om een kwart tot de helft van dat landelijke budget. Maar ook al zou het wat minder zijn dan dat, de uitwerking zal desastreus zijn. Worden de institutionele instellingen, musea, orkesten, grote theatergezelschappen, meegenomen dan moet er rekening worden gehouden met afvloeiingskosten die jarenlang zullen na-ijlen. Om de bezuiniging binnen de komende kabinetsperiode te kunnen halen zal dan aanvankelijk veel meer moeten worden gekort. Misschien wel 300 tot 400 miljoen. Gemakkelijker zal het zijn om het geld bij de landelijke kunstfondsen te halen. Daar doen, althans niet direct, zulke effecten zich niet voor. Wel zullen dan alle of vrijwel alle fondsen moeten worden opgeheven. Kort door de bocht geformuleerd houden we dan het Concertgebouworkest en het Rijksmuseum over. Weg geschakeerd kunstleven. Voorbeeld doet volgen en dat zullen verschillende lagere overheden dan ook doen.
Behalve het essentiële belang van een bloeiend cultureel leven als bindend element van onze samenleving, zeg maar van onze beschaving, is er ook nog het economisch belang. Aangetoond is dat de langdurige en gelijktijdige sluiting van verschillende musea in Amsterdam een ernstig negatief effect heeft op het toerisme en de inkomsten daaruit. Beschaving is momenteel nogal uit de mode, maar het economisch effect zou voor de VVD toch nog wel gewicht in de schaal moeten leggen.
  Is er dan niks mogelijk? Natuurlijk wel. Wanneer de nood aan de man is wordt er terecht gekeken naar alle maatschappelijke sectoren. Maar bezuinig met beleid. Een kreet als ‘we geven de kunst terug aan de mensen’ is loze retoriek. Het betekent hoogstens dat het publiek voortaan tweemaal zoveel gaat betalen voor die teruggave. Indien met zorg wordt gekeken naar de ontwikkelingen in de kunst dan kan er hier en daar zowel gemoderniseerd als bespaard worden. Wanneer voor het kunstonderwijs kwaliteit maatgevend wordt en niet de door de overheid bekostigde kwantiteit, dan worden er twee vliegen in één klap geslagen. En ook naar het nog steeds bestaande overaanbod van 19e eeuwse symfonische muziek zou gekeken kunnen worden.
  Het is dom en achteruitstrevend om blindelings in te hakken op onze zo maatschappelijk wezenlijke culturele infrastructuur. Dat gaat meer kosten dan het opbrengt. Waar zijn overigens Frits Bolkestein en Atzo Nicolaï nu het om zulke belangrijke kwesties gaat?